HR → fysieke toegang
Verbind instroom, wijzigingen en vertrek met de afgesproken toegangsaanpassingen in AEOS.
Fysieke toegang · AEOS

Verbind de medewerkerregistratie met personen en toegangsafspraken in NEDAP AEOS. Laat uitgifte en inname meelopen.
Van product naar proces
Verbind instroom, wijzigingen en vertrek met de afgesproken toegangsaanpassingen in AEOS.
Laat personeelsmutaties doorwerken in afgesproken accounts, middelen en servicetaken.
Verbind personeelswijzigingen met middelenuitgifte en bevestigde inname.
HR + functie + toegangsprofiel
Toegang bepalen op basis van afspraken en akkoord
AEOS-persoon en toegang bijwerken · Pastaak starten · Resultaat controleren
Controleer bron en afspraken, test wijzigingen en volg het resultaat. Handmatige taken krijgen een verantwoordelijke en een bevestiging.
Hergebruik bouwstenen, pas je proces aan en test de wijziging. Je beheert het zelf, samen met ons of laat het aan Scope4mation over.
Het werk tussen je applicaties
Service Automation Suite verbindt NEDAP met je andere applicaties, mensen en afspraken. Zodat gegevens kloppen, het werk doorgaat en je weet wat nog aandacht vraagt.
Gegevens, personen, middelen en relaties op één basis.
Uitvoering ↔ terugmelding



Bijvoorbeeld. Ook met andere teams, leveranciers en applicaties.
Wat is klaar? Wie is aan zet? Welke afwijking vraagt actie?
Medewerkers begeleiden
Verbind de medewerkerregistratie met personen en toegangsafspraken in NEDAP AEOS. Laat uitgifte en inname meelopen.

Gegevens combineren en afspraken toepassen
Combineer de gegevens met jullie beleid, risicoafwegingen en controles. Vraag informatie of een besluit op waar nodig, bewaak acties en leg de uitkomst vast.

Relevante gegevens of processtatus


Bijwerken, uitvoeren en resultaat vastleggen
Gebruik AFAS, Youforce of een andere afgesproken bron voor medewerker, afdeling, locatie en start- of einddatum. Service Automation Suite verbindt deze gegevens met de juiste persoon in NEDAP AEOS.
Laat goedgekeurde wijzigingen doorwerken in de afgesproken toegangsprofielen. Neem tijdelijke toegang, functiewijzigingen en het intrekken bij vertrek mee. NEDAP beheert de fysieke toegang; Service Automation Suite organiseert de samenhang.
Koppel vervolgacties aan TOPdesk, account- en groepswijzigingen in Microsoft Entra en taken voor facilitair. Houd handmatige pasuitgifte, retour, uitzonderingen en terugmelding bij hetzelfde medewerkerproces. Begin met AFAS en NEDAP en breid van daaruit uit.
Acties organiseren
Verbind een aanvraag of afwijking aan een werkbaar proces. Laat mensen beslissen waar dat nodig is en systemen de afgesproken acties uitvoeren.

Gegevens combineren en afspraken toepassen
Combineer de gegevens met jullie beleid, risicoafwegingen en controles. Vraag informatie of een besluit op waar nodig, bewaak acties en leg de uitkomst vast.

Relevante gegevens of processtatus

Bijwerken, uitvoeren en resultaat vastleggen
Kies welke aanvraag, wijziging of afwijking vervolgwerk nodig heeft en wie beslist.
Laat goedkeuringen, handmatige taken en beschikbare systeemacties op elkaar volgen.
Houd bij welke stap is uitgevoerd en waar iemand nog moet handelen.
Voor de beheerder die wil weten hoe het werkt: verbind NEDAP met je andere applicaties, vertaal de gegevens en gebruik het antwoord voor de volgende stap. Je configureert dit centraal in Service Automation Suite.
Kies de API-methode, URL en authenticatie. Beheer host en credentials in een environment. Test een request in Discovery en bekijk welke velden de API werkelijk teruggeeft.
Selecteer velden, vertaal codes en relateer records met gedeelde gegevens. Vergelijk bron en doel en bepaal welke records nieuw, gewijzigd of onvolledig zijn.
Maak de requestbody uit de gecontroleerde gegevens en bekijk Body Preview voordat je test. Gebruik de resultaat-ID in Data Context voor de volgende aanroep of sla uitvoer op in een entiteit. Richt terugschrijven afzonderlijk in.
Configureer foutregels op HTTP-code en/of melding. Een tijdelijke API-fout kan een begrensde retry krijgen. Een ontbrekende relatie of afwijzing vraagt een andere route: leg de oorzaak vast en richt bijvoorbeeld een controletaak voor de juiste groep in.
Een voorbeeld van de inrichting; geen vaste veldnamen of verplichte combinatie.
Verzonden ≠ verwerkt. Gebruik de terugmelding en de afgesproken controle om de vervolgstap te bepalen.
Met Endpoint Composer publiceer je een ingericht Service Automation Suite-dataobject. Kies lees- en schrijfmethoden en toegangsprofielen. Zo kan bijvoorbeeld een klant afgesproken servicegegevens ophalen of een leverancier informatie aanleveren. De gegevensselectie en verdere verwerking richt je apart in.
Endpoint ComposerCombineer de integratie met bijvoorbeeld een formulier, een centrale matrix, een beoordeling of samenwerking tussen serviceteams. Bijvoorbeeld: een goedgekeurde aanvraag leidt tot uitvoering in Microsoft Entra, een tekenverzoek via ValidSign en terugmelding in TOPdesk. Welke stappen nodig zijn bepaal je vanuit het proces; niet iedere toepassing vraagt al deze onderdelen.
Bekijk de samenwerkende bouwstenenBegin met één toepassing. Verbind bijvoorbeeld klant-, medewerker- en middelengegevens en leg vast welke bron leidend is. Gebruik diezelfde relaties, een matrix waar nodig en de ingerichte acties opnieuw in een volgend proces. Spreek af wie de gegevens en afspraken bijhoudt. Zo breid je uit zonder dezelfde informatie telkens opnieuw te koppelen en te onderhouden.
Een aanvraag wacht op een handtekening via ValidSign. Weigering, verlopen en een technische fout vragen elk een andere afhandeling.
Een medewerker krijgt een ander apparaat. Het oude middel, de nieuwe registratie en openstaande service- of securitymeldingen mogen niet los van elkaar raken.
Extra toegang is goedgekeurd voor een bepaalde periode. Een los vinkje onthoudt niet vanzelf waarom, voor wie en tot wanneer.
Configureer de ontbrekende API-aanroep, invoer en uitvoer in API Composer. Gebruik het antwoord in de volgende stap; combineer dit met gegevenstabellen, formulieren en automatiseringen. Je bouwt verder binnen hetzelfde product en kunt de ingerichte bouwstenen opnieuw gebruiken.
Werk via Service Automation Suite bijvoorbeeld een melding in TOPdesk bij met de via de API beschikbare velden, zoals categorie, prioriteit, status en behandelaarsgroep. Gebruik je een andere applicatie, dan richt je de aanroep en veldvertaling daarvoor in. De uitkomst bepaalt de volgende actie: bevestigen, informatie aanvullen of laten beoordelen, niet alleen controleren of de aanroep technisch aankwam.
Zelf bouwen: bekijk de technische aanpakWil je juist gegevens beschikbaar stellen of laten aanleveren? Met Endpoint Composer ontsluit je een ingericht Service Automation Suite-dataobject met gekozen methoden en toegangsprofielen. De vervolgstappen organiseer je met de andere bouwstenen.
Van product naar proces